Van buitenstaander tot insider: een loopbaan in cultuur

Nadat Carlien Lammers tijdens haar studiejaren een liefde voor beeldende kunst ontdekte, begon ze aan een veelzijdige loopbaan binnen de cultuursector. Ze werkte als curator en conservator, en is tegenwoordig actief als adviesmedewerker bij een cultuurfonds. In al haar functies speelt toegankelijkheid en inclusie een centrale rol.

Geschreven door: Joyce Belleflamme op 14 mei 2025

Carlien Lammers groeide op in de Achterhoek, waar cultuur geen grote rol speelde in haar opvoeding. Pas tijdens haar studie in Amsterdam ontdekte ze haar liefde voor beeldende kunst dankzij de vele musea in de stad. Toch voelde ze vaak een drempel bij het binnenlopen van een museum: “dit is niet voor mij,” dacht ze dan.

Desondanks groeide haar passie voor cultuur. Daarom verruilde ze haar studie Communicatie voor een bachelor Museum Studies aan de Reinwardt Academie. Tijdens deze opleiding legde ze, vaak onbewust, steeds weer de link met toegankelijkheid. In elk project waarin ze dit principe kon verwerken, deed ze dat, ook al kende ze het toen nog niet onder de term ‘inclusie’. Wat haar dreef was het verlagen van de mentale en fysieke drempels, zodat iedereen van cultuur kan genieten.

Een start maken in de culturele sector

Voor Carlien was de overgang van studie naar werk in de culturele sector relatief soepel. Tijdens haar studie liep ze twee keer stage en deed ze vrijwilligerswerk in de culturele sector, waarmee ze een groot netwerk opbouwde. Tijdens deze ervaringen stapte ze op veel medewerkers in de cultuursector af om een praatje te maken. Dat leerde haar veel over de verschillende soorten functies in de cultuursector. “Nieuwsgierig zijn en aan mensen vragen wat hun werk inhoudt was voor mij een effectieve manier van netwerken,” vertelt ze.

“Wat haar dreef was het verlagen van de mentale en fysieke drempels, zodat iedereen van cultuur kan genieten.”

Door het netwerk dat ze tijdens haar studie opbouwde, kon ze aan de slag bij haar tweede stageplek: het Stedelijk Museum Amsterdam. Van haar bijbaan als floormanager groeide Carlien door tot vrijwilligerscoördinator en later tot medewerker inclusie. Hier zette ze zich in om de sector voor iedereen toegankelijk en inclusief te maken.

Veel van haar studiegenoten ging het vinden van een eerste baan minder makkelijk af, en sommigen verloren daardoor hun connectie met de cultuursector. Carlien merkt op: “Vaak kun je via informele routes instromen in culturele organisaties, iets wat voor buitenstaanders of starters zonder werkervaring lang niet altijd zichtbaar is.”

Doorgroeien: de stap naar conservator

Tegelijk met haar functie als medewerker inclusie bij het Stedelijk Museum Amsterdam werkte Carlien als projectleider bij Studio-I, een platform voor inclusieve cultuur van het Stedelijk Museum en het Van Abbemuseum in Eindhoven. Daarnaast was ze betrokken bij de tentoonstelling Surinaamse School, waar ze voor het eerst in aanraking kwam met het curatorschap. Daar kreeg ze de ruimte om na te denken over hoe een tentoonstelling zo toegankelijk mogelijk gepresenteerd kan worden.

Carlien raakte gefascineerd door het maken van tentoonstellingen en ging actief op zoek naar een functie waarin ze zich daar volledig op kon toeleggen. Via een Conservatoren Stipendium, een financieel hulpmiddel voor organisaties om een extra junior conservator aan te nemen, kwam ze terecht bij het Stedelijk Museum Schiedam, dat ruimte bood aan startend talent door meerdere junior conservator-posities aan te bieden.

“Een baan als conservator in de cultuursector is doorgaans moeilijk te bemachtigen: er zijn weinig posities beschikbaar en wie eenmaal binnen is, blijft vaak tot aan het pensioen.”

Bij het Stedelijk Museum Schiedam spendeerde Carlien haar tijd aan het opzetten van tentoonstellingen. Ook was ze de schakel tussen het museum en de kunstenaars en beheerde ze het artistiek inhoudelijke proces. Daarnaast voerde ze dagelijkse collectiewerkzaamheden uit, zoals het regelen van aankopen en schenkingen en het beantwoorden van vragen over de herkomst van collectiestukken via kleinschalig onderzoek.

Een baan als conservator in de cultuursector is doorgaans moeilijk te bemachtigen: er zijn weinig posities beschikbaar en wie eenmaal binnen is, blijft vaak tot aan het pensioen. Dat maakt instroom lastig en zorgt voor weinig beweging binnen het vakgebied. Daarnaast is het een veeleisende rol, bijvoorbeeld omdat je als conservator vaak tentoonstellingen buiten kantooruren en in het buitenland moet bezoeken. Dit vond Carlien lastig te combineren met het moederschap, waardoor ze koos voor een andere richting.

Toegankelijkheid verbeteren vanuit een adviserende functie

Tegenwoordig werkt Carlien als adviesmedewerker bij het Cultuurfonds, waar ze subsidieaanvragen van culturele organisaties beoordeelt en bij hogere bedragen adviesrapporten opstelt. Ze geniet van het werk: “je werkt bij een fonds veel meer op meta-niveau, dus je ziet hoe dingen in de sector bewegen.” Vanuit die positie wil ze positieve veranderingen realiseren in de cultuursector, vooral op het gebied van toegankelijkheid.

“Het is interessant om te zien hoe kunst en cultuur altijd iets losmaakt bij mensen, zelfs als dat ongemak of negatieve reacties oproept.”

Ze merkt op dat de functies die ze eerder in haar loopbaan had haar nu helpen in haar positie als adviesmedewerker: “ik weet hoeveel druk er ligt op het schrijven van subsidieaanvragen, dat helpt me om aanvragen met begrip én scherpte te beoordelen.” Volgens Carlien is het essentieel dat fondsadviseurs analytisch sterk zijn en beschikken over zowel inhoudelijke expertise als praktijkervaring in de sector.

Nog lang niet uitgekeken op de cultuursector

Wat Carlien aanspreekt in de cultuursector is het directe contact met het publiek. “Het is interessant om te zien hoe kunst en cultuur altijd iets losmaakt bij mensen, zelfs als dat ongemak of negatieve reacties oproept,” zegt ze. Ook waardeert ze de dynamiek en de beweging in de cultuursector. Hoewel ze tevreden is met haar huidige functie, blijft ze leergierig en verwacht ze de sector niet snel te verlaten.

Haar inzet voor meer toegankelijkheid blijft een belangrijke drijfveer. Ze merkt dat steeds meer organisaties zich actief inzetten op dit gebied, bijvoorbeeld rondom thema’s als multi-zintuiglijke beleving en laaggeletterdheid. Haar doel: de gedachte “dit is niet voor mij” bij steeds meer mensen veranderen naar “dit is wél voor mij”.

Op zoek naar een baan in de culturele sector?